Waarom bijna-incidenten waardevoller zijn dan echte incidenten

Je hoort het vaak pas achteraf: iemand gleed bijna uit op een natte vloer. Een stapel dozen stond net te ver in de looproute. Een deur die eigenlijk dicht moet, stond weer open. Geen letsel, dus niemand maakt er een punt van. Iedereen door.

En precies dát is het probleem.

Want een bijna-incident is geen “klein ding”. Het is een waarschuwing waar je nog iets mee kunt. Zonder schade. Zonder verzuim. Zonder gedoe. Als BHV-coördinator wil je dat soort signalen juist wél hebben. Alleen: in veel organisaties verdwijnt het in de wandelgangen.

Incidentgericht denken is eigenlijk altijd te laat

Veel veiligheidsaanpak is gebaseerd op reageren. Er gebeurt iets → er komt aandacht → er volgen acties. Prima… maar pas nadat het misging.

Het voelt logisch, maar het is een valkuil. Want als je wacht op echte incidenten, leer je pas als er schade is. En dat is de duurste manier van leren. In tijd, energie én risico.

Bijna-incidenten geven je dezelfde informatie als een incident, maar dan zonder de consequenties. Het is alsof je een rookmelder hebt die afgaat vóór de brand.

Waarom bijna-incidenten zo waardevol zijn

Bijna-incidenten laten je zien waar de organisatie kwetsbaar is. Niet in theorie, maar in de praktijk. Denk aan:

  • een looproute die eigenlijk niet werkt (maar iedereen eraan gewend is)

  • een procedure die op papier klopt, maar in de drukte niet uitvoerbaar is

  • een collega die twijfelt wat hij moet doen, omdat instructies niet scherp genoeg zijn

  • kleine “handigheidjes” die normaal zijn geworden, maar risico’s stapelen

Dat zijn precies de plekken waar een echt incident later ontstaat. Alleen zie je dat pas als je ernaar kijkt.

Wat organisaties laten liggen door alleen te reageren

Als bijna-incidenten niet worden vastgelegd, mis je drie soorten winst:

1) Je mist patronen
Losse voorvallen lijken toeval, totdat je ze bij elkaar ziet. En juist die patronen vertellen je waar je moet ingrijpen.

2) Je mist draagvlak
Een BHV-coördinator die zegt “dit is onveilig” krijgt soms weerstand. Maar een reeks bijna-incidenten uit de praktijk? Dat is geen mening, dat is bewijs.

3) Je mist rust en grip
Het klinkt misschien tegenstrijdig, maar meer leren van bijna-incidenten levert je uiteindelijk mínder stress op. Minder echte incidenten, minder escalaties, minder spoed. Je kunt preventie plannen in plaats van rennen.

De echte reden dat mensen niet melden

Het probleem is zelden onwil. Het is vaak één van deze drie:

  • “Er is toch niks gebeurd.” Dus waarom melden?

  • “Ik wil geen gedoe.” Angst voor schuld, gezeur of gedetailleerde vragen.

  • “Er gebeurt toch niks mee.” Geen opvolging, geen terugkoppeling, dus het sterft vanzelf.

Als je meldcultuur wil verbeteren, moet je precies dáár op sturen.

Zo maak je bijna-incidenten bruikbaar 

Je hoeft geen nieuw systeem te lanceren. Je hebt een werkbare afspraak nodig die iedereen snapt en die jij kunt borgen.

1) Maak de definitie super simpel

Niet ingewikkeld, maar praktisch:

“Een bijna-incident is: iets dat vandaag goed afliep, maar morgen fout kan gaan.”

Als iedereen dit begrijpt, gaat de drempel omlaag.

2) Spreek af wat ‘goed melden’ is

Houd het klein. Drie vragen is genoeg:

  • Wat gebeurde er?

  • Waar gebeurde het?

  • Wat had er kunnen gebeuren als het anders liep?

Geen schuldvraag. Geen roman. Alleen feiten.

3) Reageer snel en zichtbaar

De snelste manier om meldgedrag kapot te maken is stilte. Zorg dat melders merken dat het landt. Dat kan al met één zin in het teamoverleg of een korte update:

  • “We hebben dit gezien. Dit passen we aan.”

  • “We nemen dit mee in de werkafspraak.”

  • “Dit lossen we vandaag op.”

Klein, maar krachtig. Mensen melden vaker als ze effect zien.

4) Maak leren een vast ritme

Kies een consistent moment, bijvoorbeeld maandelijks in BHV-overleg:

  • Welke bijna-incidenten kwamen terug?

  • Waar zien we patronen?

  • Welke 1–2 acties doen we nu écht?

Niet alles tegelijk. Wel altijd iets.

Het echte voordeel: je voorkomt discussies achteraf

Bij een echt incident krijg je achteraf altijd dezelfde vragen:
“Hoe kon dit gebeuren?” “Waarom zagen we dit niet?” “Wat hebben we geleerd?”

Bij bijna-incidenten heb jij de luxe om die vragen te beantwoorden vóórdat er schade is. Dat is precies de plek waar jij als BHV-coördinator het verschil maakt: van reageren naar voorkomen..

Anouk BHV Coach CURA BHV

 

 

 


Plan een vrijblijvend gesprek met BHV Coach Anouk. Zij denkt graag mee over hoe je de BHV organisatie kunt versterken.