Waarom een goede BHV-oefening niet groot of ingewikkeld hoeft te zijn

De agenda zit vol. De bezetting is krap. Bewoners, cliënten en collega’s vragen aandacht. Een uitgebreide BHV-oefening organiseren komt daardoor niet altijd goed uit. De oefening wordt uitgesteld tot een rustiger moment. Maar dat moment komt vaak niet.
Toch hoeft een waardevolle BHV-oefening geen ochtend of middag te duren. Met een korte oefening van 15 tot 30 minuten kun je medewerkers al bewuster en beter voorbereid maken. Niet de grootte van de oefening bepaalt wat medewerkers leren. Het gaat erom dat zij oefenen met een herkenbare situatie op hun eigen werkplek.

 

 

Waarom we BHV-oefeningen vaak te groot maken

Bij een BHV-oefening denken we al snel aan een compleet scenario. Het alarm gaat af, medewerkers komen in actie en een afdeling wordt ontruimd. Er zijn waarnemers, figuranten en een uitgebreide nabespreking.
Zo’n oefening kan veel opleveren. Maar de voorbereiding kost tijd. Ook moeten voldoende medewerkers beschikbaar zijn. In organisaties met wisselende diensten, hoge werkdruk en een bezetting die 24 uur per dag doorgaat, is dat niet altijd eenvoudig.
Daardoor wordt er soms maar één keer per jaar geoefend. Of helemaal niet. Dat is zonde. Medewerkers hoeven niet iedere keer het volledige proces te doorlopen. Je kunt ook één situatie, keuze of handeling centraal stellen. Door regelmatig kort te oefenen, blijft veiligheid onder de aandacht. Medewerkers denken vaker na over hun rol en kennen hun gebouw beter.

Wat doe je als deze gang vol rook staat?

 

Stel: je staat met een groep medewerkers op een afdeling. Je wijst naar de gang en stelt één vraag:

Wat doen jullie als deze gang door rook niet meer bruikbaar is?
Die vraag kan genoeg zijn voor een waardevolle oefening.
Welke andere route is beschikbaar? Naar welk veilig gedeelte kunnen bewoners of cliënten worden gebracht? Wie heeft extra hulp nodig? Wie alarmeert de rest van de organisatie? En wie neemt de leiding?
Binnen enkele minuten ontstaat een gesprek. Medewerkers ontdekken wat zij al weten en waar twijfel zit.
Misschien blijkt dat niet iedereen weet waar een brandscheiding zit. Of dat medewerkers verschillende ideeën hebben over de veiligste route. Daarvoor heb je geen uitgebreid draaiboek nodig. De werkplek vormt het scenario.

Leg de plattegrond op tafel

 

Een tabletop-oefening is een eenvoudige manier om een calamiteit te bespreken. Medewerkers zitten rond een plattegrond van hun eigen gebouw en krijgen een herkenbaar scenario.
Er ontstaat bijvoorbeeld brand in een bewonerskamer. Eén bewoner kan niet zelfstandig lopen en de normale route is niet beschikbaar. Wat gebeurt er vanaf het moment dat de brand wordt ontdekt?
Laat medewerkers stap voor stap vertellen wat zij doen.
Wie alarmeert? Wie blijft bij de bewoner? Wie controleert de aangrenzende ruimtes? En naar welk veilig gedeelte wordt ontruimd?
Het doel is niet om medewerkers te overhoren. Het doel is om samen te ontdekken of iedereen hetzelfde beeld heeft.
Een plattegrond maakt het gesprek concreet. Medewerkers zien waar deuren, trappen, compartimenten en veilige ruimtes zich bevinden. Zo wordt een procedure uit een plan vertaald naar de omgeving waarin zij dagelijks werken.

Maak van een rondleiding een oefening

Een gebouwverkenning kan eenvoudig beginnen met een kort rondje over de eigen afdeling. Loop niet alleen langs de vluchtroute, maar stel onderweg vragen.
Wat gebeurt er wanneer deze deur sluit? Waar begint een ander brandcompartiment? Welke bewoner heeft extra ondersteuning nodig? Kan een bed door deze deur? Welke route gebruiken we als de gebruikelijke route niet beschikbaar is?
Door zulke vragen te stellen, kijken medewerkers anders naar hun omgeving.
Een deur is niet langer alleen een deur. Een gang is niet vanzelfsprekend altijd bruikbaar. En een vluchtroutebord vertelt niet automatisch hoe je een minder zelfredzame persoon veilig verplaatst.
Ook nieuwe medewerkers kun je direct bij zo’n korte gebouwverkenning betrekken. Zo leren zij niet alleen waar de nooduitgangen zijn, maar ook waarom bepaalde deuren, routes en veilige ruimtes belangrijk zijn.
Die kennis kan tijdens een calamiteit het verschil maken.

Oefen één onderdeel tegelijk

Een volledige ontruiming bestaat uit veel handelingen en beslissingen. Die hoef je niet allemaal tegelijk te oefenen.
Kies bijvoorbeeld één onderdeel:
  • De eerste acties na het ontdekken van rook
  • De taakverdeling binnen het team
  • Het begeleiden van een minder zelfredzame persoon
  • Het kiezen van een veilige ontruimingsroute
Door één onderdeel centraal te stellen, blijft de oefening overzichtelijk. Medewerkers weten precies waarop zij moeten letten.
Bij een volgende oefening kies je een ander onderdeel. Zo groeit de kennis stap voor stap, zonder dat iedere oefening veel voorbereiding of tijd vraagt.

De beste oefening herken je direct

 

Een algemeen scenario kan nuttig zijn. Maar medewerkers leren meer wanneer zij hun eigen praktijk herkennen.
Gebruik daarom situaties die op de locatie kunnen voorkomen. Denk aan rook in een cliëntenkamer, een geblokkeerde gang, een stroomstoring of een incident tijdens de nachtdienst.
Houd rekening met de mensen die aanwezig zijn, de bezetting en de indeling van het gebouw.
Ook eenvoudige hulpmiddelen kunnen helpen. Gebruik een plattegrond, foto’s van de afdeling of kaartjes die bewoners en medewerkers voorstellen. Je kunt zelfs een eenvoudig model van een verdieping gebruiken om routes en compartimenten zichtbaar te maken.
Het hulpmiddel hoeft niet bijzonder te zijn. Het gesprek dat ermee ontstaat, is belangrijker.

 

Maak oefenen onderdeel van het werk

 

BHV krijgt meer aandacht wanneer oefenen geen los evenement blijft.
Koppel korte oefeningen daarom aan activiteiten die al plaatsvinden. Bespreek een scenario tijdens een teamoverleg. Loop met een nieuwe medewerker langs de veiligheidsvoorzieningen. Stel tijdens een overdracht één vraag over een mogelijke calamiteit.
Zo hoeft veiligheid niet steeds opnieuw op de agenda te worden gezet. Het wordt onderdeel van het dagelijkse werk.
Dat vergroot ook het eigenaarschap. Medewerkers wachten niet alleen op de jaarlijkse oefening, maar denken zelf na over hun rol, hun collega’s en hun omgeving.

Een korte oefening is geen kleine oefening

In 30 minuten kun je niet ieder scenario oefenen. Je kunt wel onduidelijkheden zichtbaar maken, medewerkers bewuster laten kijken en een gesprek starten over veilig handelen.
Dat is waardevol. Tijdens een echte calamiteit moeten medewerkers niet voor het eerst nadenken over hun route, taak of verantwoordelijkheid.
Wacht daarom niet op het perfecte moment voor een grote oefening. Kies één herkenbare situatie, verzamel een paar collega’s en begin. Klein oefenen kan een groot verschil maken.

Anouk BHV Coach CURA BHV

Wil je korte BHV-oefeningen inzetten die passen bij jouw locatie en medewerkers? Plan een gesprek met BHV Coach Anouk. Samen maken we oefenen praktisch, haalbaar en onderdeel van het dagelijkse werk.